Posts

Posts uit juni, 2024 tonen

392 Nacht, trottoir – als Willem Kloos

Afbeelding
   Willem Kloos, de vier hoog achter zolderkamertjes-poëet par excellence, onder een lekkend dak, met tering onder de leden. Zo leeft hij tenminste in mijn verbeelding, naar aanleiding van zijn ene regel Ik ben een God in ’t diepst van mijn gedachten , want waar anders kun je een God in het diepst van je gedachten zijn dan in de allerellendigste allermiserabelste omstandigheden? Als het je enige strohalm is om je aan vast te klampen? Dan maar een God in het diepst van mijn gedachten...     De nacht, de nacht , zong ik, en ik moest denken aan de zee, de zee die in vers XXXV voorklotst in eindeloze deining, en ik ben niet de enige bij wie die regel in eindeloze deining voortklotst in de hersenpan. Ook Kousbroek kwam er niet los van ( O Plas, o Plas klots voort, in golfslag van altijd , in De logologische ruimte ) en Komrij evenmin ( De Plee, de Plee klotst voort in eindeloze deining , in Onherstelbaar verbeterd ) – ik beschouw hun versies als vergeefse duiveluitdrijvingen.    Kloos’

391 Nacht, trottoir – als Beatleliedje

Afbeelding
    I am the Walrus – een soort Alice on speed – is met de magistrale openingsregel I am he as you are he as you are me and we are all together al helemaal in de blokkiaanse traditie geschreven. Ja, ‘zij zijn ook ik en ik ben ook zij’, zoals Lieke het in De bende van Lieke zegt.    Onderstaande evocatie is opgebouwd met elementen uit Bloks biografie, maar ook uit bepaalde beelden en voorvallen uit de romans van Anotoli Mariëngof over de verschrikkingen van de eerste postrevolutionaire jaren, burgeroorlog, hongersnood en het was in de winter nog nooit zo koud geweest, op straat moest je uitkijken dat je niet over een besneeuwd en bevroren paardenlijk struikelde. Het fragment uit King Lear in de uitloop is hier door een gedicht van Blok vervangen.    Komt-ie, Ik ben de ijsbeer , tot u gebracht door de Gebr. Jezus & Zn, erkende zielsverhuizers: keep on erking, bros! Hier ben daar en nu ben daar en nu ben hier En ben van alle tijden Kijk die lantaren hoe die wappert aan de j

390 Nacht, trottoir –interrogatief en exclamatoir

Afbeelding
   Je hebt, grof gezegd, mensen die vragen stellen en mensen die antwoorden geven. Mensen die spreken en die het niet weten, en mensen die niet spreken en het ook niet weten. Maar het is de toon die de muziek maakt.    Misschien is alles wel een kwestie van smaak, en ligt de een het uitgesprokene meer en de ander het weifelende.    Tijdens de geschiedenisstudie werd ons ingepeperd dat we vooral geen stellige uitspraken mochten doen. In elke zin moest ‘misschien’ staan – behalve als het om een uitspraak van een ander ging, die je dan tussen dubbele aanhalingstekens zette en uitgebreid volgens het scheerapparaat voor de studie der geschiedenis van Romein en Haak verantwoordde in een voetnoot. Nederigheid! werd ons bijgebracht. Het was een strenge school. En duidelijk de school van het vraagteken, niet van het uitroepteken.    Bloks trottoirnacht met vraagtekens (dubitatief-interrogatief) maakt het duister nog duisterder – het is alsof je op de tast door het gedicht verder moet, ner

389 Freshes from the precious

Afbeelding
   Kijk eens, wat er net uit is, verschenen bij Koppernik:    Maar wat een kort nawoord! Zeven bladzijden maar!    Dat komt, ik wilde deze geweldenaar, nummer drie van het Ierse driegebergte Joyce-Beckett-O’Brien niet nog eens introduceren met allerlei wikipedische onwetenswaardigheden, alsof niet iedereen zou moeten weten wie deze O’Nolan was.    In plaats daarvan heb ik eigen onderzoek gedaan, zelfs twee eigen onderzoeken, ten behoeve van de internationale flannologie (ik zal ze ook nog in het Engels overzetten), een immer hoger en breder uitwaaierende tak van literatuurwetenschap, waarbij zich tevens vele afgezwaaide, vermoeide, teleurgestelde of gewoon weleens iets anders willende Joyceanen en Beckettisten voegen.    En met dit boek ben ik ook tot de rangen der flanneurs , zoals ze heten, toegetreden.    Mijn korte onderzoekingen betroffen 1) de vraag in hoeverre de schrijver zich bij het herschrijven van The Dalkey Archive door zijn vrienden liet leiden, en 2) zekere punte