573 Gulliver met driehonderd: ongedierte
Tot de meest geciteerde passages uit Gulliver’s Travels behoren de paar regels waarmee de koning van Brobdingnag de soortgenoten van Gulliver afschildert, wanneer Gulliver tegenover de koning in gloedrijke en lofvolle bewoordingen hoog opgeeft over de staatsinstellingen in Europa. Daarop stelt de koning hem nog allerlei vragen, die Gulliver niet bij machte is zodanig te beantwoorden dat de koning er een beter oordeel over het mensenras aan overhoudt. De koning, nochtans de kwaadste niet, pakt Gulliver op en streelt hem zachtjes, en zegt dat hij hoopt, aaanneemt dat Gulliver door zijn lange jaren op zee de meeste ondeugden van zijn soort ontlopen is, en dan volgt deze fameuze passus: But, by what I have gathered from your own Relation, and the Answers I have with much Pains wringed and extorted from you; I cannot but conclude the Bulk of your Natives to be the most pernicious Race of little odious Vermin that Nature ever suffered to crawl upon the Surface of the Ear...