617 Gulliver met driehonderd: de storm
Kapitein Gulliver kreeg na publicatie van zijn zeereizen de kritiek dat zijn zeemanstaal niet deugde. Die dwergen en die reuzen, oké, geen probleem. Een vliegend eiland, daar zit ook niemand mee. Een met rede begaafd paardenvolk, what else is new? Maar dat Gulliver niet-kloppend of niet meer gebezigd nautisch jargon zou bezigen, daar viel men over. Gulliver verdedigde zich door te zeggen dat hij – de jongste niet meer – de termen gebruikte die hij zelf op de grote vaart had geleerd van de oudste en meest ervaren pikbroeken. Dus dat het wel degelijk klopte, alleen zijn zee-Yahoos geneigd, net als land-Yahoos, telkens nieuwe woorden en uitdrukkingen te verzinnen. Zo erg is het, zei hij, dat hij merkte, dat wanneer een Yahoo hem uit Londen uit nieuwsgierigheid kwam bezoeken, zij geen van beiden in staat waren hun denkbeelden op een voor elkaar begrijpelijke wijze uiteen te zetten. De kritiek richtte zich op één enkele paragraaf aan het begin van de reis die Gulliver uite...