595 Eindeloze humor
Amerikaanse schrijvers hebben altijd een moeizame relatie met humor gehad. Ze zijn te serieus, en lijden vaak aan het ‘I wanna be a writer’-syndroom. Schrijver zijn vinden ze belangrijker dan schrijven zelf. Vaak hebben ze lessen in creative writing gehad, wat je makkelijker aanleert dan weer ontleert en hoe dan ook door alles heenschijnt. ‘En wat doet u?’ vroeg James Frazer, de auteur van The Golden Bough aan Joyce toen ze in de Bibliothèque Nationale aan elkaar waren voorgesteld, ergens midden jaren twintig, en Ulysses al door menige koffietafel was gezakt. ‘Ik schrijf,’ antwoordde Joyce simpelweg. Ook Judith Herzberg zegt liever dat ze dicht dan dat ze een dichter is, ‘want je weet maar nooit, of het de volgende keer weer lukt.’ Dit in tegenstelling tot het gros der zich schrijvers noemenden, die slechts schrijven om zich schrijver te kunnen noemen. En vandaar: elke vorm van humor ontberen. De eerste en laatste die het kwam aanwaaien is Mark Twain. Die vertaalde...