605 Iemand klopte
Maar het liefste schrijf ik kinderliedjes, of in elk geval dingen om. te kunnen zingen op willekeurig welke melodie, op één voorwaarde en dat is dat ze gans ongaar onnozel zijn. Waarom houd ik toch zo van onnozelheid? Van domheid en snotneuzen? Van onschuld en naïviteit? Waarschijnlijk omdat dat het is wat mensen het eerst en onherstelbaarst en jammerlijkst kwijtraken als ze groot worden: onnozelheid is kinderlijkheid en kinderlijkheid is goddelijkheid. Dit liedje lijkt op andere liedjes die ik geschreven heb, bijvoorbeeld het liedje over een liedje willen zingen maar niet weten waar het over moet gaan, hier . Maar wat het verhaal betreft, het mini-epos dat erin verpakt zit, een Homerus waardig, dat heb ik – of heb ik niet, ik weet het niet meer, misschien heb ik het wel geheel en onafhankelijk en van mezelf bedacht, zulke dingen gebeuren en kunnen de besten overkomen – mogelijk van een gedichtje van Charms, dit , uit Hé, waar zijn mijn kindjes , de...