Posts

595 Eindeloze humor

Afbeelding
   Amerikaanse schrijvers hebben altijd een moeizame relatie met humor gehad. Ze zijn te serieus, en lijden vaak aan het ‘I wanna be a writer’-syndroom. Schrijver zijn vinden ze belangrijker dan schrijven zelf. Vaak hebben ze lessen in creative writing gehad, wat je makkelijker aanleert dan weer ontleert en hoe dan ook door alles heenschijnt. ‘En wat doet u?’ vroeg James Frazer, de auteur van The Golden Bough aan Joyce toen ze in de Bibliothèque Nationale aan elkaar waren voorgesteld, ergens midden jaren twintig, en Ulysses al door menige koffietafel was gezakt. ‘Ik schrijf,’ antwoordde Joyce simpelweg. Ook Judith Herzberg zegt liever dat ze dicht dan dat ze een dichter is, ‘want je weet maar nooit, of het de volgende keer weer lukt.’ Dit in tegenstelling tot het gros der zich schrijvers noemenden, die slechts schrijven om zich schrijver te kunnen noemen. En vandaar: elke vorm van humor ontberen. De eerste en laatste die het kwam aanwaaien is Mark Twain. Die vertaalde...

594 Eindeloze broodjes aap

Afbeelding
   De eerste pakkembeet tweehonderd bladzijden van Eindeloos Vertier lijken op het eerste gezicht stuk voor stuk Fremdkörper binnen een even vreemd lichaam, stukken meubilair die je alleen op de tast kun verkennen en determineren, terechtgekomen als je bent in een inktzwarte kamer. Pas allengskens gaat het dagen en krijgen de optredende figuren en figurinnen verbandhoudende connecties, en komen ze terug, doorgaans als inwoners van Ennet House, en als iets terugkomt is het altijd fijn: dan herken je het, en dat alleen al is goed voor de leesmoraal. Bijvoorbeeld de omhoog- en omlaagvallende Dwayne R. Glynn op blz. 148-149: dat blijkt straks niemand anders dan de Ennet-Houser Dooney Glynn, en het hier beschreven incident komt op blz. 501 uit de bus als ‘een gigantisch misgelopen arbeidsongevallenzwendel vorig jaar’.    Het incident op de werkplaats is een regelrechte Looney Tunes tekenfilm uit de goeie ouwe tijd van Bugs Bunny, Daffy Duck en het hele kier...

593 Afsluiten uitbuiken nawoorden

Afbeelding
   Wat is er fijner dan je na een vertaling te kunnen afreageren met een notenapparaat en een nawoord? Je zit er nog helemaal in, weet alles over de stijl en de toon, kent de hebbelijkheden van de auteur als je broekzak, zit tsjokvol ter zake dienende kennis. Je hebt dingen in het boek opgemerkt die nog niemand ooit opmerkte, native reader of niet. Je bent dé expert. Er heeft eventjes niemand zoveel recht van spreken als jij. En recht = plicht. Dus: doen. Oké, niet alle boeken lenen zich voor een nawoord. Recente literatuur (die waan van de dag) moet zich eerst maar eens bewijzen. Boeken waar je minder je hart en ziel in hebt kunnen leggen mogen ook onbenawoord blijven. Maar magnifieke, relatief onbekende schrijvers van iets ouder datum een introducerend opkontje geven, je vertalerslicht laten schijnen over klassikaners, kwesties aankaarten, ontdekkingen delen, dat is alleen maar interessant.    Maar hoe? Maar wat? Ik heb daarvoor best een aardig procéd...

592 Eindeloos voorlezen

Afbeelding
   Als je eens een passage wil voorlezen aan skeptische niet-lezers die zich met fronsende wenkbrauwen en voorhoofd en getuite lippen afvragen wat je in godallejezusnaam aan het lezen bent wat er kennelijk zo leuk is dat je er niet mee kan stoppen en je wil ze niet aan hun fronsende neus gaan hangen waar het hele verhaal over gaat (alsof dat wat zou helpen om ze over de brug en de streep te trekken, trouwens, wat tegelijk de hele makke is van recensies en boekbesprekingen, want wie leest er nu een boek om het verhaal, mag je je in arre moede afvragen, aangezien het namelijk immers nooit gaat om wat er staat maar hoe het er staat), als je dus ooit eens zo gek bent om de ongelovige horden te willen laten proeven van deze davidfosterwallaceiaanse delicatesse, niet om ze om te turnen of te bekeren zodat ze in de leescompetitie van mooiste boeken ooit verder kunnen bekeren als ze deze hebben overwonnen met een klinkende leeszege, dan is de passage die begint op bladzijde 60 ...

591 Lieke Marsman

Afbeelding
_____ _____ Uit Nachttrottoir .

590 Iets wat het is

Afbeelding
Een ezel die over de heuvel ging          wou kijken wat daar lag, die ezel die over de heuvel ging,          en weet je wat hij zag?    Soms is iets wat het is. En dan moet je het laten zoals het is. Niets meer aan doen. Wat niet hetzelfde is als niets meer aan te doen. Of wel. Soms hetzelfde is. Als iets is wat het is, is het niet iets anders. Niet iets wat het had moeten zijn. Dus dat is goed. En meegenomen. Want als het niet is wat het is maar iets anders, dan had het beter dat anders kunnen zijn. Wie of wat wil nu iets zijn wat het niet is? Of niet zijn wat het wel is? Dan mankeert er toch iets. Dan denk je: hoe is het zo gekomen? Waar is het fout gegaan? Wat heb ik over het hoofd gezien? Waar heb ik de big mistake gemaakt? De afslag gemist? Als iets is wat het is, is het tenminste dat. Wat het is.    ‘Het is wat het is’ wordt meestal in teleurgestelde zin...

589 Over het moeten wijken van bepaalde exactheden bij het vertalen van Infinite Jest

Afbeelding
   Het is een vreemd boek, dat Infinite Jest . De eerste alinea gaat zo: I am seated in an office, surrounded by heads and bodies. My posture is consciously congruent to the shape of my hard chair. This is a cold room in University Administration, wood-walled, Remington-hung, double-windowed against the November heat, insulated from Administrative sounds by the reception area outside, at which Uncle Charles, Mr. deLint and I were lately received.    Het is duidelijk – of wordt dat spoedig in elk geval – dat hier iemand aan het woord is die zich in een op knappen zo strak staande staat van spanning bevindt. De zinnen ademen een curieuze preciositeit, een bijna maniakale afstandelijkheid, alsof de werkelijkheid op armlengte afstand gehouden moet worden om te voorkomen dat lichaam en geest instorten. Hal, de woordenthousiasteling die de hele halve Oxford English Dictionary uit zijn geheugen kan oplepelen, spreekt-denkt-beschrijft hier met opeengeklemde k...

588 Het lente-orkest

Afbeelding
   En dan is het weer lente voor je het weet. Dat moet worden gevierd! Met lawijd, met lawaai, met herrie en kabaal, en iedereen doet mee, en dan bedoel ik allemaal! Ja, ook matrozen mnet trekzak en muzikanten met tamboerijn! Het lente-orkest Het is lente en we hebben een keukenorkest gemaakt van echte instrumenten en het skriekt          en het skroenkt                   en het skraakt! en het bronkt          en het brienkt                   en het braakt! en het kronkt          en het krienkt                   en het kraakt! Het is een slagorkest en we d...

587 De donker-in-het-licht lantaarn

Afbeelding
   Een zaklantaarn geeft licht in het donker. Maar ik heb een uitvinding gedaan. Ik heb een zaklantaarn uitgevonden die donker geeft in het licht. Heel handig als je wil dat iemand iets niet ziet. Je schijnt er je zaklantaarn op en floepens, weg. Donker. Zwart. Niks van te zien. Je kan ook jezelf verduisteren, als je niet wil dat iemand je gezicht ziet. Je helemaal verbergen lukt nog niet. Het is nog een klein apparaatje. Een prototype. Maar straks kun je er misschien wel grotere dingen mee verduisteren, en misschien uiteindelijk wel de hele lucht. De hele zon. Het hele heelal! Het is nu ook nog een staaflantaarn op batterijen, maar er komt zeker nog een appje van. Voor op je telefoon. Jullie merken het wel! Donker in het licht Ik heb een lamp die donker geeft,          donker geeft,          donker geeft, ik heb een lamp die donker geeft,      ...

586 Of nee, een krokodil

Afbeelding
   Ja, met een krokodil werkt het denk ik beter. Het was al met al toch iets te lieflijk en van lieflijkheid is er in kindergedichtenland al meer als zat. Niet verder vertellen maar eigenlijk haat ik kinderliteratuur, in wezen en verschijning. Dat wil zeggen kinderliteratuur die louter voor kinderen gemaakt is en die voor volwassenen niet te pruimen is, dus zeg maar het grote gros.    Ik heb het dus al verraden, wie de nieuwe nieuwe huisgenoot is, en de eerste zesentwintig regels zijn ook hetzelfde, maar doe even of je dat allemaal niet weet, lieve lezer, en lees als de onbehangenheid en onbevangenheid en onbelangenheid zelve, helemaal vers en opnieuw.    Maar, de aanwijzing van Antoinette in de comments van de vorige blog volgend, met dezelfde illustratie, die hier goed werkt, als je hem eronder zet. De nieuwe huisgenoot We hebben thuis sinds kort iets wafferigs en blafferigs, iets harigs en iets poterigs, iets duwerigs en stoteri...

585 Over een hond die een zusje is

Afbeelding
De nieuwe huisgenoot We hebben thuis sinds kort iets wafferigs en blafferigs, iets harigs en iets poterigs, iets duwerigs en stoterigs, iets staarterigs en snuitigs, iets klonterigs en kluitigs, iets fluffeligs en knuffeligs, iets in de rondte snuffeligs, iets springerigs en kwispeligs, iets altijd in de weggerigs, iets blobberigs en slobberigs, iets reuzerigs, iets kneuzerigs, iets koude natte neuzerigs, iets happerigs en bijterigs, iets likkerigs en pikkerigs, iets gooierigs en smijterigs, iets snoezerigs en snuisterigs, iets nooit een keertje luisterigs, iets wonder-boven-wonderigs, bijzonderig bijzonderigs, en als je ‘poot’ zegt, gaat ze liggen, als je ‘lig’ zegt, gaat ze springen, als je ‘breng’ zegt gaat ze rennen, als je ‘blijf’ zegt, brengt ze dingen: ze kan gapen, ze kan rollen, ze kan slapen, ze kan dollen, en het is geen tijger, het is geen musje, het is – nee hou je mond – het is mijn pasgeboren kleine zusje!    Oké, oké, het ...

584 Het zingende nijlpaard verliteratuurd afl. 4 in aanbouw

Afbeelding
Het Zingende Nijlpaard door W. Vandersteen in de verliteraturing van Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes [Dit bleef bij een opzetje, niet meer dan de uitgeschreven Vandersteense tekst. Moest nog aan gewerkt worden.]    Zo loopt hij door de stad, ogen dicht en armen op oneindig voor zich uitgestrekt. Waar gaat hij henen? Ja waarhenen gaat hij?    Op een bouwterrein staat de champetter zich te warmen bij een vuurkorf van een dakloze zwerver die daarnaast in een buitenplee zit te schuilen.    – Verdorie! zegt de oplettende pietje poppesnor. Er loopt er ene op de ‘travos’! Die gaat in ’t water sukkelen!    – Laat hem gerust, garde, zegt de onderdakte dakloze. Dat is een slaapwandelaar, daar moogt ge u nooit mee moeien.    – Tut! Tut! zegt oom agent. Ik heb niet dikwijls de gelegenheid om een decoratie te verdienen.    Hij sprint Lambik achterna, die een plank oploopt en in een volgelopen bo...

583 Het zingende nijlpaard verliteratuurd afl. 3

Afbeelding
Het Zingende Nijlpaard door W. Vandersteen in de verliteraturing van Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes Hoofdstuk 3 Ode aan Sidonie    O waarom weten zij niet wat er gaat gebeuren! O, waarom weten zij minder dan wij! Waarom ontsnapt het inzicht aan hun ongeloof? Het ongeluk is nooit zo erg of het kan nog erger, en zo gauw je denkt: ik heb een auto-ongeluk gehad, dus het ergste heb ik nou wel achter de rug en de kiezen en zoiets zal me niet licht nog een keer overkomen, statistisch gesproken, wees er dan van overtuigd dat de goden zullen samenspannen en alles zullen doen wat in hun almacht ligt om u te wijzen op de nietigheid van uw bestaan. Smak! zei de zwartgepantserde Citroën van Lambik tegen de boom. Noord! zei zijn stem toen Wiske hem vroeg nog iets te zeggen. De profeterende wondendokter, in wie alleen onder de mensen de waarheid woont, want zijn naam was Pistoors, hetgeen in het West-Sanskriet betekent ‘luistert!’, kwam, zag, en waarschuwde voor wrede dinge...

582 Het zingende nijlpaard, voor stripleesluie lezers verliteratuurd afl. 2

Afbeelding
Het Zingende Nijlpaard door W. Vandersteen in de verliteraturing van Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes Wat voorafging. Na een poppenkastvoorstelling te hebben bijgewoond, raken Lambik en Wiske in zo’n felle discussie verwikkeld over de herkomst van een door Lambik gezongen liedje (Zuid-Afrikaans of Noord-Afrikaans?), dat Lambik de macht over het stuur verliest en met zijn Citroën tegen een overstekende boom aanknalt. Hij komt niet bij zijn positieven en moet per auto naar huis worden gebracht. Tante Sidonie stuurt Wiske naar haar bed en belt een dokter uit het zijne. Lees nu voort. Hoofdstuk 2 De dokter komt    Dokter Pistoors van het Medisch Centrum Pittevil te Vilvoorde was al een oude man die er niet van hield om ’s nachts uit zijn bed te worden gebeld. Vroeger was dat anders. Toen hij nog haar had. Lang geleden. Als hij nu zijn haar had willen laten groeien kon dat niet: niet dat hij al lang haar had, maar hij was zo kaal als een aal, zo kaal als de volle...