Posts

Posts uit april, 2022 tonen

171 Het verhaal van de lieve eend

Afbeelding
   Zo staat het in Bij mij op de maan , als De lieve eend : De grote oversteek Gebeurde in een wip: Eén kuiken op een eendje, Eén kuiken op een eendje, Eén kuiken op een eendje, En op de eend de kip.    De hurkerige en horkerige vertaling van Hans ter Laan, De hulpvaardige eend , heb ik in blog 163 al becommentarieerd.    Dorian Rottenberg vertaalt het als The Kind Duck : One chick took a duckling Another chick took a duckling, The third chick, too, took a duckling, And the mother hen took the duck. It’s pretty bad to cross a stream, But not when you’re in luck!    Waarom moet er altijd gepsychologiseerd worden? Waarom moeten er altijd motieven en beweegredenen bij? Welk kind is daarin geïnteresseerd? Zelfs volwassenen hoort dat niets te interesseren. Laat zien wat er gebeurt. Actie moeten we hebben! (Tsjoekovski’s gebod nummer 9)    Ook minder in de Engelse vertaling is dat de kippetjes wel over zijn, maar de herhalingen in het water zijn gevallen.    Johann Warke

170 Het verhaal van de opwindbare muis

Afbeelding
   De hond en de poes moeten bijna wel Voor mij! Voor mij! roepen. Daar lijk je vertalenderwijs niet onderuit te kunnen.    Of – ook leuk – Mijnes! Mijnes! Alleen gaat dat rijmproblemen opleveren, dat voel ik aan mijn klompenwater.    Hoewel... Hé jullie daar, verdwijn ’s ... Durf je wel, wie klein is ...    Er zijn zeker mogelijkheden...    Of je kan denken aan: Blijf af! Blijf af! Is dat even pech, Miauwtje en Waf-Waf.    Zou kunnen.    Vervelend is de vervelende moraal, dat ze nergens om hadden hoeven vechten.    Moralen zijn altijd dubieus. Want als de muis echt was en er nu aan flarden, dood bij hing, hebben hond en kat dan met recht gevochten?    En denk je dat de opwindmuis het leuk vindt?    Het liefst laat ik het verhaaltje eindigen met een wat charmsiaanser slot.     Het opwindmuisje is niet blij. Hm. Slap. Dat gaan we niet doen. En het klinkt nog steeds te moralistisch.    Toch iets met mijnes ? Gelukkig weet hij niet wat pijn is. Is ook weer vingerpokend.   

169 Het verhaal van de uitrolbare slang

Afbeelding
    Vriendendienst kan het heten, of Een vriendendienst voor wie gehecht is aan lidwoorden.    (Ik ben er onder invloed van het Russisch een beetje van af aan het raken.)    Maar is dat leuk?    Ik dacht eerder aan zo’n andere dooddoener in dergelijke situaties: Omdat jij het bent. Of: Omdat je het zo lief vraagt. Al wordt er zo te zien niets gevraagd, alleen aangeboden. Je kan ook denken aan Zal ik je helpen? maar dat wordt ook weer snottebel.    Eerst maar eens een tweeregelaar bedenken.    Ik moest denken aan de uitdrukking I’ll scratch your back and you scratch mine , die door John Lennon zo onherstelbaar wordt verbeterd op Menlove Avenue in I’ll scratch your back and you knife mine . Het nummer heet Here we go again en het gaat over Phil Spector, wordt gezegd.     Ik help jou en jij helpt mij — Voor een appel en een aardbei . Zit wat in. Maar waar zit die appel? Andere optie: Want anders kom ik er niet bij. Is misschien wat makkelijker. En slaat welbeschouwd nergens o

168 Het verhaal van de ondersteboven bokken

Afbeelding
   Het versje lijkt het beetje op het vorige, met de twee even regels die bijna-herhalingen zijn en met hetzelfde woord eindigen, haasje in het verhaal van de overgestoken haas en bokken hier.    Herhaling is toch een mooie uitvinding.    Waarom vallen we daar toch zo voor? Waarom spreekt dat aan, waarom werkt het hypnotisch?    Is het omdat het net als muziek is? Muziek is ook een en al herhaling.    En de dichtkunst voor de kleinsten is ook muziek. Immers: betekenis doet er nauwelijks nog toe op de leeftijd van min negen maanden tot een jaar of twee zeker, met uitloop tot vijf.    Herhaling is muziek, en muziek is dichtkunst.    En muziek gaat vooraf aan taal, weten we.    Muziek is de echte oertaal.    En daarmee de dichtkunst ook. Maar dan in woorden.    Daarom zeg ik: herhalingen zijn altijd goed.    Charms was hier trouwens een meester in. Lees in Bij mij op de maan bijvoorbeeld maar Jan Janszoon Samovar of Liegbeest of Vroem-vroem-vroem! of Professor Kachelpijp e

167 Het verhaal van de overgestoken haas

Afbeelding
   Het versje is geen wereldliteratuur. Er ligt een moralistische zweem over. Een haas die eenden beveelt hem een boottochtje op hun rug te laten maken en dan de kous op zijn kop krijgt als de eenden hun natuur volgen en naar kikkers happen.    Eten eenden eigenlijk wel kikkers?    In dierenfabels zijn wel veel geneigd te vergeven. Pratende vlooien, konijnen die op de maan spelen, sigaren rokende krokodillen met een hoed en wandelstok. Moet allemaal kunnen.    Maar de natuurlijke orde der natuurlijke dingen moet geen geweld worden aangedaan. Het moet wel kloppen in de logica van de fantasiewereld.    En kikker-etende eenden horen daar niet bij.    Dat is een stap te ver. Dan kun je de haas net zo goed onder water kunnen laten ademen. En in een koets verder laten rijden, getrokken door waspeentjes. Dan krijg je een heel ander verhaal. Een tekenfilm misschien wel.    Ondanks dit dubieuze detail en de ‘eigen schuld dikke bult’-achtige moraal, heeft het versje wel een vorm die zich l

166 Het verhaal van de beroete kuikens

Afbeelding
   Indachtig het zevende tsjoekovskiaanse gebod – naar het rijmwoord moet genadeloos worden toegewerkt en het moet het belangrijkste woord in de zin zijn – ga ik eerst kijken of er iets met die djéti te doen is, de kinderen , kindjes , kinders , de kiekens , kuikens van moeder kip.    En draai ik in mijn hoofd de rijmmogelijkheden af, en zoek op de tast of er wellicht ergens een opening zit.    Er zijn zat andere woorden voor kinderkroost in het Hollands en Vlaams natuurlijk, maar omdat het voor de kleintjes is, gaan we hier uit van de simpelste varianten.    Dus geen klein grut , hokkebrokken , handenbinders , wichten , hummels en wat dies meer zij.     Lieverds en schatjes krijg ik sowieso niet uit mijn pen. Het moet geen snot worden.    Je kan denken aan iets als piepers omdat kuikentjes piepen, maar dat is alweer al te beeldend en afleidend.    Of iets regionalers, met kiekens in beide betekenissen. Kippie Tok zei: ‘Kiek eens, kiek eens, Heb ik zomaar zwarte kiekens.’

165 Ik heb maar ja gezegd...

Afbeelding
   Ik kreeg een mailtje van Martin de Haan, de even gelauwerde als gelouterde vertaler. Daarbuiten zet hij zich ook in voor de financieel-sociale positie van vertalers.    Er was een nieuw initiatief, eentje dat al langer borrelde maar nu zijn beslag kreeg in een Open Brief aan de uitgevers. Van hem en Annemart Pilon, vertalers.    Het behelsde de positie van vertaler op de kaft van het boek. Die naam moest genoemd worden, als de vertaler dat wilde, was de aanbeveling.    Ik schrijf nu wel in de verleden tijd, maar het initiatief dateert van nu net.    Dus. Die naam moet genoemd worden, als de vertaler dat wil, is de aanbeveling. Met petitie, website, hashtag en alles wat daarbij hoort.    (Ik laat de open brief hieronder volgen.)    Het was nog onder embargo toen ik Martins mailtje kreeg, maar om alvast wat namen te hebben, wilde ik het initiatief steunen?    Wel degelijk! – was mijn eerste reactie.    Vertalingen zijn immers originelen, uit de aard der zaak: zo worden ze to

164 Simpel is het moeilijkst

Afbeelding
   Simpel is het moeilijkst.    En de veertig gedichten in het album Getekende verhalen zijn heeeeeeel simpel.    En moeten dus ook heeeeeeel simpel worden overgezet.    Wat je nodig hebt voor het vertalen van kindergedichten staat uitgebreid uitgelegd in blog 162.    Met die gebruiksaanwijzing in de hand moet iedereen het kunnen.    Ik ga de veertig gedichten van de Рассказы в картинках vertalen. Maar wie mee wil doen, graag.    Een master class, een loi- of lom-cursus kindergedichten vertalen. (Vooral voor mezelf. Je blijft leren.)    Ik geef de tekst, letterlijk vertaald, het rijm- en ritmeschema, en de tekening. En de rest vult zich zo in.    En het volgende blog, of het blog daarna, geef ik mijn poging en bespreek ik wat binnengekomen is in de commentaren.    Om tot de ultieme, heilige simpelheid te komen.    De veertig gedichten, aldus de uitgave van 1937, zijn geschreven door Daniil Charms, Nina Gernet en Natalja Dilaktorskaja.    Maar wat van wie is staat er niet b

163 Lief en leed in dierenland

Afbeelding
   Toen ik met Bij mij op de maan bezig was, kwam ik van Charms in sommige uitgaven van zijn kindergedichten die we hier in de kast hadden staan – maar lang niet allemaal (beginjaren negentig in Moskou aangeschaft – wat werd er toen allemaal uitgegeven! paradijselijk!) – wel eens een heel leuk en heel kort gedichtje tegen dat Добрая утка heette, De goede eend of De lieve eend .    In de Verzamelde Werken van Charms, met een apart deel Werken voor kinderen , stond het niet, en het was niet te achterhalen waar het vandaan kwam of wanneer hij het geschreven moest hebben.    Misschien in een van de afleveringen van de kindertijdschriften Tsjizj en Jozj ( Sijs en Egel ) waarin hij schreef? Maar die waren toentertijd al tamelijk grondig doorgespit.    Was het eigenlijk wel van hem?    Ik nam het hoe dan ook op in Bij mij op de maan want het was te leuk. Daar kwam het op bladzijde 466 terecht, als De lieve eend : De grote oversteek Gebeurde in een wip: Eén kuiken op een eendje,