Posts

Posts uit januari, 2024 tonen

354 De scheldkanonnade in het Nederlands

Afbeelding
   En zo klinken de honderdenelf invectieven in het Wakeaans Nederlands, een herziene herziening met voor de gelegenheid en als uitvloeisel van voorgaande verregaande diepgaande onderzoekingen geromaniseerde komma’s behalve waar die gecursiveerd dienen te zijn. De cursieve komma’s zijn in de Trinité (waarin de Nederlandse Wake is gezet) minder duidelijk te onderscheiden van de romeinse komma’s dan in de Verona, de broodletter van The Restored Finnegans Wake , maar er is wel degelijk verschil. _____ _____    De lijst verscheen eerst in het tweetalige James Joyce, Finnegans Wake , vernederlandst door Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes, Athenaeum—Polak & Van Gennep, 2002, daarna in Bindervoet & Henkes, Dat boek met die kuttitel, Schelden & vloeken in het Nederlands, Kankerhomo’s, moederneukers en andere teringlijers, Een cursus voor beginners en gevorderden , Prometheus, 2015 onder het lemma Kunstenaar (blz. 86-88), en daarna in de eentalige, gereviseerde editie van

353 Ireland’s Eighth Mathematical Wonder: Recounting the 111 Terms of Abuse

Afbeelding
    Finnegans Wake is famous for keeping off the street unhinged minds that would otherwise wreak havoc in areas more useful to the advancement of human kind. For wakies , study of the novel is a substitute for small particle physics, submolecular biology and the paleontology of missing species, all rolled into one. They unleash a measure of zeal and imagination only worthy of the noblest of causes. Is there life besides the Wake ? For wakies , hardly. This is no surprise as the Wake for them comprises the world, and not the other way round. Sorry, I shouldn’t say for them of course, I should say for us , because I am a wakie myself, and a zooming one.    Our little cranny of sanity in this crazy world recently zoomed in on the truly haddockian barrage of invectives that Herr Betreffender heaps upon the novel’s hero, Humphrey Chimpden Earwicker, who has locked himself up in what appears to be the outhouse of his hostelry, located in the sleepy Dublin suburb of Chapelizod, in the

352 Interpunctie

Afbeelding
   Vlak voor de executie kwam een oekaze van de tsaar: ‘Terechtstellen niet begenadigen!’ Казнить нельзя помиловать! Wat deed de beul? Waar zette hij de komma?    Toen zijn uitgever de eigenzinnige interpunctie in Treasure Island ongevraagd had aangepast, schreef Stevenson hem: ‘Ik moet wel aannemen dat mijn interpunctiestelsel heel erg slecht is; maar het is het mijne; en ik zal me er precies en punctueel aan houden.’    Voor interpunctie zijn regels, net als voor spelling, maar vaak zijn die regels relicten van vroegere wijsneuzen die dachten dat ze wel eens eventjes orde op zaken konden stellen in de chaos die de taal nu eenmaal is. Nicoline van der Sijs zocht dat onlangs uit voor de regel dat je geen komma zet voor een beperkende bijzin en wel voor een uitbreidende bijzin. Die regel stamt uit 1819 en had toen al geen voeten in de aardse praktijk. De regel dat je geen komma zet voor en en maar blijkt een verkeerd begrepen advies van Johannes Kinker uit 1829 te zijn dat alleng

351 Ophelia’s vierhonderdeenentachtig woorden

Afbeelding
   Vierhonderdeenentachtig woorden schoon aan de haak legde W. Shakespeare zijn Ophelia in de mond en met deze vierhonderdeenentachtig woorden schreef Paul Griffiths vorig jaar een roman ( let me go on ) die zich laat lezen als een vervolg op haar ontijdige verscheiden door de zelfgekozen verdrinkingsdood in het stuk.    Op haar tocht door het hiernamaals wordt Ophelia (O. geheten) geholpen door alfabetisch optredende figuren uit andere Shakespeare-stukken. Allengs herinnert ze zich flarden van haar vorige leven op de planken, maar nog steeds weet ze niet wie ze is en wat ze hier doet. Ze wil aan haar maker om ‘een ander ik’ vragen en die maker krijgen we onder de letter W van Will te spreken. Het eindigt met een soort introspectie, een verlichte gewaarwording van Ophelia die voor meerdere interpretaties vatbaar is.    Het is geen eenvoudig boek, ook vanwege het zoeken en tastende van de ik-persoon, maar je gaat wel nadenken over de verhouding tussen persoon en personage, tussen ee

350 Rijden op de worst

Afbeelding
   ‘Kinderen, kinderen! Wat je ook doet,’ waarschuwt Jevgeni Sjvarts in het verkeerseducatieve prentenboek Stop! uit 1931, ‘rij nooit nee nooit meer op de worst!’    Все, все, все перестаньте кататься на колбасе!    Verstandige woorden, ongetwijfeld. Maar wat is het? In de tentoonstellingscatalogus Adventures in the Soviet Imaginary wordt een tentatief verband gelegd met de absurdistische dichtersgroep waarmee Sjvarts oorspronkelijk verbonden was, de Oberioeten, met in hun gelederen onder meer Charms, Vvedenski en Vladimirov. De schrijver van het artikel verbaast zich, verwondert zich, wantrouwt het zaakje, vermoedt een addertje onder het gras: De Oberioetische geest werd ook vaardig over andere kinderschrijvers. In Stop! uit 1931 van de productieve (toneel)schrijver Jevgeni Sjvarts (1896-1958), wordt kinderen veilig verkeersgedrag aangeleerd: ‘Tot het midden van de straat – kijk naar links. Vanaf het midden – naar rechts!’ staat er bijvoorbeeld. Maar hoe het bijschrift op de v

349 De papirosnitsa van Mosselprom

Afbeelding
   In blog 277, Papje! Papje! ( hier ) werd de vraag gesteld: Waarom heeft de Mosselprom-mevrouw een rood kapje? Die vraag is toen niet afdoende beantwoord, noch de daaraan voorafgaande vraag óf ze sowieso wel een rood kapje draagt, in het werkelijke leven dan en niet op de tekening. Op een contemporaine foto namelijk ( hier ) draagt ze namelijk een wit hoedje.    Een stomme film van Joeri Zjeljaboezjski uit 1924 ( hier en hier in z’n geheel te zien – een aanrader!) geeft enig uitsluitsel over dit beeld- en sfeerbepalende wezen uit de jaren 1920 in Moskou. In De sigarettenverkoopster van Mosselprom heet de heldin Zina Vesenina en ze wordt gespeeld door Joeliia Solntseva. (De voornaam Zina werd een tijdlang heel populair.) De boekhouder werd gespeeld door Igor Iljinski, die ook in Mariëngofs memoires Mijn eeuw, mijn vrienden en vriendinnen voorkomt, en die in 1956 de onsterfelijke rol van directeur Avgoertsov speelde in de film Carnavalsnacht .    En laat nu onze Zina net zo

348 Woutertje Pieterse

Afbeelding
   Heeft niet iedereen dat, de behoefte om iets op te steken van wat je leest? Vanaf dat je klein bent helpen boeken je met je ideeën over il mestiere di vivere , het leven dat de nieuwe wereldburger ook maar koud op het dak komt vallen. Hoe moet je leven? Hoe doen anderen dat (in het boek)? Hoe slaan zij zich erdoorheen? Hoe staan zij erin? Wat is hun verborgen filosofie achter de avonturen? Dat speelt allemaal op je leesachtergrond mee.    Nieuwe dingen leren! Jonggelezen boeken zijn zeker vormend, niet in de zin dat ze je kunnen opvoeden in eer en deugd vanzelfsprekend, maar dat ze je eigenste ik helpen verhelderen.    Daarnaast is er ook een honger naar woorden. Wat is er leuker dan het onbekende woord ulevellen tegen te komen in Billy the Kid ? Of ribbedebie in Suske en Wiske ?    Die honger heb ik nog steeds. Vooral na een vertaalklus die niet bijster uitdagend was. Dan wil ik me geruststellen met literatuur die wel gedurfd en visionair is, me onderdompelen in vrije talig