567 Gulliver met driehonderd: kwalijk voorbeeld

   Gulliver heeft (in hoofdstuk 1 van het Lilliput-deel) in Londen een chirurgijnspraktijk en via zijn leermeester, Mr. Bates, ook patiënten. Maar Mr. Bates gaat dood, en dan volgt een enigszins raadselachtige zin, want kennelijk weet Gulliver, aan zichzelf overgelaten, zijn patiënten niet te behouden en ook geen nieuwe te vinden. En dan staat er, dat hij weigert het slechte voorbeeld van veel van zijn collega-chirurgijnen te volgen en dan maar naar zee gaat.

But, my good Master Bates dying in two Years after, and I having few Friends, my Business began to fail; for my Conscience would not suffer me to imitate the bad Practice of too many among my Brethren.

   Welk slecht voorbeeld dat is, daar mogen wij naar raden. Het zou kunnen dat ‘bad Practice’ niet meer betekent dan er met de pet naar gooien, wat veel artsen zouden doen. In elk geval heb ik de indruk dat er meer achter zit, en dat ik het niet helemaal begrijp. De eerdere vertalingen hebben het op verscheide wijzen opgelost.
1727: Maar myn goede Patroon Mr. Bates na verloop van twee jaren komende te overlyden, en ik weinig Vrienden hebbende, zo begon myn Praktyk te slappen, en ik kon het met myn gewisse niet overeenbrengen de snoode praktyk van maar al te veele myner mede-Broederen na te volgen.

   Mooie woorden, slappen, gewisse voor geweten, de snoode Praktyk en de mede-Broederen. De vertaling is, kun je zien, ietwat gehaast gedaan, met de vele onvoltooid-deelwoordconstructies, maar hij is getrouw en vrijwel overal volledig. Maar wat zou die snoode Praktyk toch zijn? Gulliver doelt duidelijk ergens op, maar waarop?
1791: Dan toen myn goede leermeester Bates, twee jaaren daar na in den Heere ontsliep, en ik weinig vrienden had, zo ging het met myne zaaken welhaast den kreeften gang, alzo ik het niet van my kon verkrygen, om myn Medemensch zo slegt te behandelen als sommige myner Colegaas doen dorsten.

   Deze vertaler is van de interpretatieve school. De bad Practice wordt begrepen als een slechte behandeling, wat vreemd is, want hoe zou je dat meer patiënten kunnen opleveren? Het ijdel gebruik van de naam Gods is heel erg on-Gulliver, den kreeften gang is leuk, maar misschien iets te leuk, te beeldend, voor de stijl van de schrijver van deze reisbeschrijvingen. En dan ook nog too many verzachten als sommige... Enfin, veel wijzer ben ik niet geworden.
Een jeugdbewerking ‘uit het Hoogduitsch’ uit 1822 kiest voor de weg van de minste weerstand en laat de kwalijke praktijken achterwege: ‘Zoo lang mijn leermeester leefde, ging alles goed; dan hij stierf, en na zijnen dood had ik weinig of niets meer te doen. Men scheen niet veel vertrouwen in mij te stellen, en dus raakte ik al mijne kalanten kwijt.’ Kalanten is dan wel weer leuk.
1862: Doch daar mijn goede meester Bates twee jaren daarna stierf, en ik weinig vrienden had, begonnen mijne zaaken te verloopen; want mijn geweten liet mij niet toe de kwade praktijken na te volgen, waaraan maar al te veel mijner collegas zich schuldig maakten.

   Dit is in één klap een veel moderner klinkende vertaling. Niet dat dat automatisch een pre is, overigens. Het is geen waarde-oordeel, slechts een constatering. Nog steeds is niet duidelijk wat de kwade praktijken inhouden, maar deze vertaler vermoedt het ergste want hij laat Gullivers collega’s zich er schuldig aan maken, wat er welbeschouwd in het Engels niet echt staat.

1940: Maar daar de goede mijnheer Bates na twee jaar stierf en daar ik weinig relaties had, begon mijn practijk meer en meer te kwijnen, ook al, omdat ik het niet met mijn geweten overeen kon brengen om de bedrieglijke methoden van te velen van mijn vakbroeders na te volgen.

   Ah, dat geeft misschien een aanknopingpunt: de friends interpreteren als relaties, maar wat moet ik me dan voorstellen bij bedrieglijke methoden? Heeft dat te maken met die relaties? We kijken verder.

1974: Edoch, doordat mijn brave meester Bates twee jaar daarna stierf en ik maar weinig vrienden had, begonnen mijn zaken te verlopen; want mijn geweten stond mij niet toe de kwalijke praktijken van maar al te vele onder mijn vakbroeders te volgen.

   Zijn die kwalijke praktijken soms het afsnoepen van elkaars (rijke) patiënten? En zo ja, als ik dat zo wil begrijpen, kan ik dat in mijn vertaling dan enigszins suggereren zonder het als zodanig te benoemen?

1979: Doordat echter mijn goede meester Bates twee jaar later stierf en ik weinig vrienden had, begonnen mijn zaken te verlopen; want mijn geweten stond me niet toe de slechte praktijken van al te velen onder mijn confraters na te volgen.

   Confraters is wel een leuk woord, maar iets te leuk denk ik: dat Gulliver arts is komt in het vervolg ook niet veel ter sprake, en hij positioneert zich in het relaas nooit echt als lid van het heelkunstige gilde. Wat de slechte praktijken zouden zijn wordt ook hier niet duidelijk: dat hoeft natuurlijk ook niet, maar het zou aardig zijn althans een zetje in de goede denkrichting te krijgen.

2004: Omdat mijn goede leermeester Bates twee jaar later overleed en ik maar weinig vrienden had, begon de toestand van mijn praktijk echter te verslechteren, daar mijn geweten me niet toestond de kwalijke handelwijzen na te volgen die bij maar al te velen van mijn vakbroeders in zwang waren.

   Een ongelukkige, mankende, onwelluidende, fade en wel heel ongeïnspireerde en onverschillige vertaling, in mijn ogen en oren. Het echter komt veel te laat, het na te volgen veel te vroeg; de toestand van mijn praktijk lijkt wel dubbelop, in elk geval is het of te woordrijk of het zijn de verkeerde woorden; in zwang waren heeft een ironisch randje dat je bij Gulliver (of bij Swift) niet hebt, en dan nog, waarom verleden tijd? De tegenwoordige tijd werkt hier veel beter, in zwang zijn. Maar dat zal wel weer te maken hebben met de abstracte regel dat de werkwoordstijden in een zin niet van elkaar mogen afwijken, wat onzin is. Wat de kwalijke handelwijzen nou precies zijn van Gullivers vakbroeders (vakbroeders is trouwens wel een goed woord hier – niet alles is slecht), tja, dat weten we nog steeds niet.

2026: Maar toen mijn goede meester Bates twee jaar later overleed en ik weinig vrienden had, ging het bergafwaarts met mijn praktijk, aangezien mijn geweten me verbood het kwalijke voorbeeld van zo veel van mijn vakbroeders te volgen.

   Een vertaling die niet lijkt te kloppen, het eerste deel tenminste, want kun je dat wel zeggen, toen ik weinig vrienden had? Het probleem is dat er drie aangezienen in de Engelse zin staan: aangezien Mr. Bates stierf, aangezien ik weinig vrienden had en aangezien ik het slechte voorbeeld niet wilde volgen. Maar als je dat gaat verdoezelen door het af te wisselen met daar of omdat of doordat, maak je het alleen maar erger. De vertaling uit 1862 heeft het probleem het bevredigendst opgelost, met want mijn geweten, maar kijk eens naar de vertaling uit 1792: die draait zijn hand niet om voor toen ik weinig vrienden had. Je zou het kunnen verdoezelen als en toen ik nog steeds weinig vrienden had, of en op een moment dat ik weinig vrienden had, maar het blijft verdoezelen en goedkoop lapwerk. Bovendien wordt de zin er alleen maar langer en looiiger van. (Woordentellend heeft het Engels er 38 en het Nederlands achtereenvolgens 47, 50, 43, 49, 41, 40, 48 en 37.) Ik laat het voorlopig staan: Gulliver is tenslotte maar een eenvoudige reisbeschrijver, en houdt zich verre van woordornamentiek en uitgesponnenheid. Het woord vakbroeders neem ik onder dankzegging aan vakbroeders 1940, 1974 en 2004 graag over. Van de bad Practice die Gulliver aanstipt, en waarvan hij kennelijk aanneemt dat iedereen wel zal weten waar hij op doelt, maak ik dan maar het kwalijke voorbeeld, dat hij niet wil navolgen. Is het de praktijk van artsen om middelen voor te schrijven waarvan ze weten dat die niet helpen, alleen om de patiënten geld uit de zak te kloppen? Ja, daar wordt de arts tijdelijk financieel beter van, maar levert het hem meer patiënten op? Ik heb nog steeds de indruk dat ik iets mis. Misschien kom ik er ooit nog achter wat die heelmeesters in Gullivers tijd voor kwalijks uitspookten en wat die friends kunnen zijn die hem hadden kunnen helpen zijn praktijk boven water te houden.

   Hoewel, bij nader inzien (bni: deze vertaling heeft een heel hoog soortelijk bni-gewicht): inderdaad zijn aangezien, daar en omdat geen goede oplossingen voor de eerste participium-constructie. En toen wringt toch ook een beetje, hoe eenvoudig gulliveriaans het ook is. Maar doordat van 1979? Dat draagt wel enige oormerken van de juiste stem en de juiste toon. Proberen dan maar?

2026: Maar doordat mijn goede meester Bates twee jaar later overleed en ik weinig vrienden had, ging het bergafwaarts met mijn praktijk, aangezien mijn geweten me verbood het kwalijke voorbeeld van zo veel van mijn vakbroeders te volgen.

   Nee toch! Dat kan dan weer niet met het ging het bergafwaarts! Waarom dat is kan ik niet goed zeggen of uitleggen, maar op een of andere manier klinkt het niet. Misschien ben ik de enige die dat heeft? Dan voelt toen toch beter, hoe raar ook, en houd ik dat aan, wachtend op een volgend bni-momentje.
_____

1727: anoniem [Dr. Cornelis van Blankesteijn]; 1792: anoniem; 1862: J.W.N. Mosselmans; 1940: G. Blom; 1974: Mr. S[em] Davids; 1979: Arjaan van Nimwegen; 2004: Paul Syrier. Zie ook blog 565 en 566 voor een inleiding op deze serie vertaalproblemen. Illustratie: Lemuel Gulliver in zijn bibliotheek, voor de wand met schilderijen van zijn lotgevallen. Een doorlopend bijgewerkt register op alle VandaagsVertaalProblemen staat in blog 345.

Reacties

met onder meer de afgelopen tijd

566 De Nederlandse Gullivers sinds 1727

565 Gulliver met driehonderd

499 Infinite Jest

560 Traduction belge!

563 Hoe ik mezelf van de verdrinkingsdood redde en ook het gedicht

345 Register & Inhoud VandaagsVertaalProbleem (cumulatief)

564 De gummi-mummie, het mosterdmannetje en Vreuneke-Teuneke Bliereblane

556 Blunder

562 De klopjacht op de sneer in Awater