Elke zoveel tijd een vertaalvraagstuk uit de praktijk, door Robbert-Jan Henkes [rjhenkes apestaartje xs4all punt nl].
Volgen? Ontvolgen? Op de hoogte gehouden worden of juist niet? Schrijf me een mailtje!
533 Teruggevonden
– Ik wist het wel! Daar zitten ze!
– Het blijven lastpakken, ouders.
_____
Uit het Женскии журнал (Vrouwenblad), № 9, 1930, in het togdazine, hier. Een doorlopend bijgewerkt register op alle VandaagsVertaalProblemen staat in blog 345.
Hoe is het zo uit de bocht kunnen vliegen? Hoe heeft het zo anders kunnen worden, mijn vertaling vergeleken met Carrolls origineel? Ik leg dat enigszins uit in het stukje voor Awater , hieronder in de tijdschriftspread. Maar er is meer. Meer van hetzelfde, akkoord, maar dat komt omdat het allemaal waar is, wat ik zeg. Het zou niet goed zijn als het nu ineens iets anders was. Dat zou het vertrouwen in het waarheidsgehalte van mijn beweringen al te zeer aantasten. Toen ik begon met het vertalen van de Snark , dacht ik nog dat ik tamelijk getrouw de woorden en de dichterlijke middelen van Carroll kon overnemen, hap snap en borrel, maar die illusie duurde maar één vierregelige strofe lang. “Just the place for a Snark!” the Bellman cried, As he landed his crew with care; Supporting each man on the top of the tide By a finger entwined in his ha...
Raadselrijmpjes ben ik nooit een fan van geweest. Waarschijnlijk omdat ik ze nooit kon raden. Of ook omdat ik het me op mijn fatsoen trok: geamuseerd wil ik worden, niet betrokken, doe je werk, werk! Kruiswoordraadsels heb ik ook nooit gekund. Laat staan cryptogrammen. Finnegans Wake wordt wel eens met een cryptogram vergeleken, maar het is heel wat anders, ook het vertalen van Finnegans Wake . In cryptogrammen heb je namelijk altijd een ‘juiste’ oplossing, die de maker verzonnen heeft, en waarvan ik dus altijd ga steigeren. Zeg het dan meteen, in plaats van mij met een raadseltje op te zadelen! Daarentegen zijn er in Finnegans Wake geen juiste oplossingen, en dat is het mooie eraan. Je mag er alles in leggen en achter zoeken, daar nodigt het juist toe uit. Toch kan er wel eens iets door de war raken en als mikadostokjes door elkaar, en dan moet je het weer goed zetten, zo goed en kwaad als dat kan. Het volgende hopeloos in de war-gedicht, dat ook...
Het boek is binnen (nog niet in de winkel, heb ik me laten vertellen) en wat er dan meestal gebeurt, zo gauw ik het opensla vind ik een zetfout-drukfout, wat een mooie naam is voor een typfout die aan mij en het arendsoog van de talloze met hun neus kijkende redacteuren, correctoren, persklaarmakers en dergelijke is ontsnapt. Meteen, bam: typfout. Je kan er de klok op gelijk zetten. Gif op innemen. Donder op zeggen. Moet ik dan alles alleen doen? Waar heb je dan versmurfers voor? Negenennegentig procent van de typfouten is eruit gehaald, maar het gaat er niet om wat eruit is gehaald, het gaat erom wat erin is gebleven. Honderd keer overgelezen en toch overheen gelezen! Het komt: zo in boekvorm lees je het heel anders dan op je scherm of als uitgeprinte drukproef. Er vallen heel andere dingen op. Maar hoe dat nu weer komt, geen idee. Oké, typfouten zijn slordig, maar zijn ze erg? Als het er veel zijn en ze storen...
Nachttrottoir kreeg een bespreking in het vrienden-van-de-poëzie-en-van-elkaar-poëzietijdschrift Awater , waarin dichters collega’s uit hun vriendenkring mogen bespreken in zonder uitzondering welwillende, treffende, mooie, ja poëtische recensies, gesteld in zonder uitzondering welwillende, treffende, mooie, ja poëtische woorden. De besprekingen zijn prozagedichten op zich, kun je wel zeggen. Nachttrottoir kreeg in dit nummer ook een welwillende, treffende etc. bespreking, en verderop in de glossy bleek dat het boek op een gedeelde tiende plek was terechtgekomen van beste bundels van het jaar, de top tien zijnde de uitkomst van een rondvraag onder een uitgelezen gezelschap dichtende vrienden van elkaar en een paar van mij – vandaar de stemmen die Nachttrottoir kreeg. Het waren er weinig, stemmen voor Nachttrottoir , omdat het puntenverdelende veld zo groot was en iedereen zijn en haar beste dichtende vrienden niets wilde onthouden. Er waren vie...
Infinite Jest , de titel van het luchtige niemendalletje van David Foster Wallace, hoe vertaal je die? (Over het dat misschien een andere keer.) Het is natuurlijk een quote unquote uit het bekendste toneelstuk aller tijden op het (anonieme) Drama des Levens na, uitgesproken als de hoofdpersoon op zijn speurtocht naar de dader(s) van een overval op een winkel in kantoorbenodigdheden in een kluisje van een badhuis in Oxford een schedel vindt die hij identificeert als die van Alaspoor Yorick, een Palestijns-Pakistaanse neurochirurg en schrijver van moppenboeken met een scatologische inslag. Hamlet (de Hoofdpersoon) herinnert zich deze Alaspoor, roept hij (Hamlet) in de kleedruimte met de schedel in zijn hand uit, terwijl om hem heen in meer of minder behanddoekte staat badgasten langslopen van en naar de douches – als a fellow of infinite jest, of most excellent fancy . Misschien gewoon eerst eens kijken hoe de t...
D’n Alice na d’n Alice Eind 2024 verscheen mijn vertaling van d’n Alice, Alice in Wonderland & in Spiegelland , en dan denk je, nu zal het wel even stil blijven aan het Alice -vertaalfront, maar nee, nog geen half jaar later liep ik door de hoofdstedelijke boekhandel S., voorheen S.&H., te A., en waarop viel mijn oog. Van juistem, een kerskakelverse verdietste Alice in Wonderland . Ongetwijfeld omdat de uitgever, De Eenhoorn, de illustraties van de Argentijnse Valeria Docampo een nieuwe editie vond rechtvaardigen. Het boek met de Docampo-prenten is in vele talen uitgegeven, in het Nederlands, Catalaans, Europees-Spaans, Duits, Italiaans en Frans. Het boek met de Docampo-prenten verscheen, denk ik (mijn navorsingen zijn nog niet afgerond) voor het eerst in het Frans, in 2020. De op de kaft genoemde vertaalster van de Alice -tekst, de Belgische Emmanuèle Sandron, vertaalt kinderboeken uit het Nederlands, Engels en Duits, en zal di...
Ik heb een taalverandering bij mezelf waargenomen. Een taalnuance die ik vroeger snapte maar nu niet meer. Toen ik midden jaren zestig van de vorige eeuw op de kleuterschool aan de Julianalaan (hoek Nicasiusstraat-Marijkelaan-Molenstraat) het lied over Joepie Joepie leerde – heel de wereld zong All you need is love , heel Nederland zong Waarom heb je mij laten staan? en heel de Heezerse klas zong Schipper mag ik overvaren (en Joepie Joepie dus) – wist ik intuïtief precies waarover het ging: iemand genaamd Joepie Joepie kwam naar ons toe en heeft bij ons een meisje gekaapt en is er toen met dat meisje vandoor gegaan. De tekst, althans het begin ervan, althans van hoe ik het leerde, althans van hoe het me is bijgebleven, althans hoe ik het me nu herinner, luidt: Joepie Joepie is gekomen, heeft een meisje meegenomen — Maar toen ik vanmorgen vroeg in bed het lied nog eens met kille, analytische blik overdacht, waarom weet ik niet, misschien was i...
Ik vond een vertaalblog van me terug die niet op VandaagsVertaalProbleem staat. Het kwam, ik gaf een schriftelijk interview en daar werd me een citaat voor de voeten geworpen van mezelf dat ik wilde nazoeken. Ik zou gezegd hebben: ‘Elke vertaler wordt geplaagd door twijfel, onzekerheid en angst voor onkunde. Dat is het enige wat vertalers verbindt. De wil om het goed te doen en de vrees om het niet goed te hebben gedaan. Er is maar één ding dat ze nog meer verbindt. En dat is een diepe overtuiging dat er niemand is die het beter doet dan hij/zij zelf.’ Ik wilde het opzoeken want citeren gaat vaker niet dan wel goed. Maar ik kon het niet vinden op het blog, noch in het boek ( Vertalen wat er niet staat ). Waar heb die gozer het dan vandaan? Nou, uit een blog die in week 39 van 2020 als Vrijdag Vertaaldagse webfilter-column op de Filter -website stond. Blijkt. Waarin ik zelfreflecteer op mijn eerste zelfrefectie, tien dagen na mijn allereerste blog, ...
_____ [wat voorafging: Bij vertalen horen, in de woorden van legendarische tovenaar-vertaler Pé Hawinkels, ‘bepaalde vormen van enthousiasme’ waardoor je wel eens van de letter afwijkt om de geest te vangen. Is Infinite Jest van zulk hout gesneden dat het ongrammaticale woorden duldt en zelfs aanmoedigt, in vertaling?] _____ Ik waag het erop, het woord vandaags onderbrengen in Eindeloos vertier – zoals het nu gaat heten, het denken over de titel heeft me zo’n half jaar gekost, en het is niet mijn eerste keus, wat het nu geworden is, Eindeloos vertier , ik was zelf uiteindelijk uitgekomen op Grenzeloze grol , wat de uitgever, denk ik, toch niet serieus genoeg vond, alsof ik het boek niet ernstig nam en het boek niet ernstig genomen hoefde te worden – wat natuurlijk helemaal de bedoeling niet was van die titel, het is een mooie alliteratie ten eerste, die Infinite Jest ook is, als je Jest met een hoofdletter I schrijft zoals dan kon in tijden van weleer en va...
Leuke rijmen zijn leuk omdat ze leuk zijn, het woord ‘leuk’ zegt het al. Hetzelfde geldt voor klanken. Op de klank -urf rijmt verrassend veel, zelfs een fijn woord als murw , hoewel dat niet direct voor een kindergedicht is te gebruiken, al bedenk ik binst ik dit optiep dat je best iets zou kunnen bedenken met ‘ik beuk je murf!’ In het kader van de poëtisering van algemene stripkennis viel me op dat de urf -klank wel twéé stripfiguren kan verenigen, en ik maakte dit gedicht: Urf, urf, urf Pom Pernikkel at een ijsje, at een ijsje o zo blauw. Pom Pernikkel stak zijn neusje in het ijsje o zo blauw. – Urf, urf, urf! riep Pom Pernikkel aan de mensen, ben ik al een smurf? Pier Magoggel zat te pulken, zat te pulken in zijn neus. Urenlang zat Pier Magoggel met zijn vingers in zijn neus. – Urf, urf, urf! riep Pier Magoggel aan de voge...
Reacties
Een reactie posten