192 Het verhaal van de zelfreddende kikvors

   Het versje is al te uitleggerig om aan Charms te kunnen worden toegeschreven. Vooral de regel ‘Maar sluwheid heeft haar geholpen’ is nergens voor nodig. De gebeurtenis is nog niet geweest dus we kunnen er nog geen oordeel over hebben. Dus waarom zouden we dan vantevoren te horen krijgen hoe we erover moeten denken? Is de schrijver bang dat we het niet begrijpen?
   Weer: ernstig uit de volwassen hoogte.
   Wat zijn ze dom, die volwassenen!
   Dus als het effe kan, zullen we regel de deur wijzen.
   Eerst eens kijken wat het trio voorgangers ervan gemaakt heeft.
   Hans ter Laan: Het loze kikkertje. Leuk, loos in de zin van listig heb ik al heel lang niet meer gehoord. Loze kwanten was geloof ik de uitdrukking die ik wel eens ergens ben tegengekomen. Affijn.

Zeg, kikkertje, als je buiten speelt,
Dreigt er altijd groot gevaar,
Bedenk, dat het soms weinig scheelt,
Of je bent voor de ooievaar!

   Dat is toch zeer attent van de vertaler, dat hij er een versje van gemaakt heeft speciaal voor kikkers! Om ze te waarschuwen tegen de ooievaar-reiger en diens loze streken.
   Dorian Rottenberg noemt hem The Sharp Little Frog:

Our froggy surely would have died,
But showed he had some wits.
His hoop prevents that mouth so wide
From squashing him to bits.

   Der findige Frosch heet hij bij Johann Warkentin:

Hier könnt ihr sehen, Kinder,
wie es dem Frosch erging.
Der Frosch war schlau und findig —
ihn rettete ein Ring.

   De kikker mag findig geweest zijn, de vertaler was het niet... Een kind slaat ogenrollend de volgende bladzijde op.
   Antoinette Mazzi noemt hem La maligne grenouille:

La grenouille serait morte
Si elle avait été sotte.
Son jouet le sauva,
De la mort il la sauva.

   Allemaal niet hoogst verheffend. Maar dat ligt ook aan het origineel. Valt er eigenlijk wel iets aardigs van te maken?
   Het is feitelijk een vreemd verhaaltje, en vreemd niet in de zin van gezellige leuke absurde ongerijmde flauwekul, maar vreemd in de zin van dat er niks van klopt.
   Het lijkt wel of de kikker expres naar de ooievaar-reiger toeloopt om hem te tarten en hem een poepie te laten ruiken. Pak me dan, als je kan, je kan me toch niet pakken!
   Nee, de ooievaar-reiger kan hem niet pakken en kijkt op zijn snavelige neus, maar intussen is de slimme kikvors wel mooi zijn hoepel kwijt.
   Was dat het nou allemaal waard?
   Voor sommige kikvorsen wel kennelijk.
   Het is dan ook geen pientere kikvors, maar eerder een heel domme en heel kinderachtige gemene pesterige.
   Of een heel Russische. Die het niet erg vindt om iets stoms te doen, geheel tegen zijn eigen belangen in, zolang de gehate tegenpartij er maar schade door oploopt.
   Daar ruïneert een Russische kikvors zich met liefde voor.
   Alleen maar om te bewijzen dat hij een kikvors is, een vrij schepsel, met een vrije wil! En geen mens of andere machine!
   Waarlijk een dostojevskiaans amfibie.
   – Ik ben een zieke kikvors. Ik ben een slechte kikvors.
   Maar misschien zoek ik er teveel achter. Achter deze Pestkop kikvors.

Pak me dan
Als je kan!
Nu heb ik jou
Te pakken.

   Misschien toch een beetje al te nonchalant uit de mouw geschud en kort? Probleem is dat de vier regels niet onder de vier illustraties passen, ze horen niet bij elkaar. Deze kan ook, in de adhortatieve modus, Goede raad voor kikvorsen:

Kikker! Wil je spelen gaan
En de reiger komt eraan,
Zorg dat je een hoepel hebt
Want anders word je opgeschept.

   Maar of het echt beter is... Je kan ook all-out Jan-Pieter Heije gaan voor de verandering. Het versje zal zeker blijven hangen, en dat is toch al wat.

Een kikkerman uit hoep’len ging,
’t Was zomerdag, de zonne scheen.
Een reiger zag het groene ding,
Maar kreeg hij hem te pakken? Neen!

   Voor echt iets beters moeten we ditmaal naar de inzendingen. Ik kreeg er drie, en alledrie zijn ze fris en vrolijk, leuk en verrassend. De eerste, uit het commentaargedeelte, is even knappig als grappig:

Kikkers, hap slik weg, zo soepel,
reigers krijgen daar een kick van.
Maar een kikker met een hoepel,
stik! Daar krijgen ze de hik van.

   De twee andere, uit het meeldoosdeel, mogen er ook wezen:

Een kikker kickte op gevaar:
O yes, dacht hij, een ooievaar,
die ga ik in het ootje nemen
en daarna neem ik de benen.

   De laatste regel is van ritme wat wankel, want je weet niet hoe je moet beginnen met de klemtoon, op en of daar. Als je in regel twee het eerste woord, O, weglaat, dan weet je ook dat je in regel vier met een klemtoon moet beginnen. Is een mogelijke emendatie.
   In de volgende versie verandert de ooievaar in een reiger, en lijkt de ring waarmee de kikker zichzelf redt bedoeld te zijn om de vogel permanent in de keel te blijven laten steken. Wreed!

Ik ben nog lang geen reigervoer,
zei Konnie Kikvors heel beslist.
Ik zorg ervoor, kwaakte ze stoer,
dat jij geen kikkertje meer vist.
   Volgende. Спасение мышонка. Spasénië mysjónka. De redding van het muisje.

Стой! Ой! Ах! Ах!
Будешь ты в моих зубах.
   Ой, спасите!
   Ну, тяните!
А теперь бежим домой.
Что случилось, объясните.
Мяу! Где мышонок мой?

   Dat wil zeggen. Sta! Oj! Ach! Ach! Je komt nog wel tussen mijn tanden. Oj, red mij! Kom, trekken! En nu: rennen we naar huis. Wat is er gebeurd, leg uit. Miauw! Waar is mijn muisje?

   Gescandeerd. Stój! Ój! Ách! Ách! Bóédesj ty v maïch zoebách. Ój, spasíétje! Nóé, tieníétje! A tiepíer biezjíém damój. Sjtó sloetsjíéles, ábiesníétje. Mjáú! Gdjéé mysjónnok mój? Rijmschema: aabbcbc. Versvoet: trochee.

Reacties

  1. 1. Hier jij!
    2. Fok!
    3. Verhip!
    4. Verrek!
    5. Wacht maar, mij maak je niet gek.
    6. Christus te paard!
    7. Pak die staart!
    8. Wauw, wat een belevenis.
    9. Wordt mij nog geopenbaard
    waar die blaag gebleven is?

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

met onder meer de afgelopen maand

160 Vintage Vondel...

195 Het verhaal van de springgrage sokken

194 Het verhaal van het uitgekookte kuikentje

193 Het verhaal van de ontfleste muis

197 Het verhaal van de zittende wolf

196 Het verhaal van de opspuitende bal

201 Het verhaal van de nestgeworden paraplu

198 Het verhaal van de kloppende specht, de zwijgende oehoe en de boze eekhoorn

199 Het verhaal van het geofferde speelgoedkonijn