202 Het verhaal van de geklemde wolf

   Dit woordloze verhaal kreeg na 1937 tekst. En die tekst luidt:

Серый волк зубами щёлк!
Нам не страшен серый волк!
Где зайчонок прыгнет в щелку,
Там ловушка злому волку.

   Dat is zoiets als: Grijze wolf-klapkaak! Wij zijn niet bang van de grijze wolf! Het haasje springt, en klap, de boze wolf is gevangen.

   De eerste twee regels zijn één en al sprookjescliché. Niet slecht, maar ook niet origineel. De derde en vierde regel woordspelen dan met het woorden sjsjolk (knip, klap, klik) en sjsjolka (een kier, een spleet). Tamelijk moeizaam.
   Maar we gaan deze tekst niet vertalen, want hij kan niet eens van Charms zijn. Onze opdracht is zelf een charmsiaanse tekst maken.
   De drie vertalingen die ik erbij heb, moesten het wel met die post-’37-tekst doen. Ik kijk ernaar voor de broodnodige inspiratie. (Inspiratie in de zin van: hoe het niet moet.)
   Hans ter Laan heeft: Grijze wolf, die al je bek aflikt, Denk je dat een haasje daarvan schrikt? Voor ons is ’t spleetje niet te smal, Voor de boze wolf is het een val.
   Wat maken volwassenen zich er toch met een jantje van leien van af, als het om verhaaltjes voor kinderen gaat.
   Kun je die heus wijsmaken dat haasjes een wolf eerder zien of ruiken dan omgekeerd?
   Wil je die echt wijsmaken dat een wolf alleen die haasjes aanvalt die een lange neus naar hem maken?
   Mag je die echt wijsmaken dat de haasjes zo lief zijn om de wolf bij de staart te grijpen in plaats van de twijg zo te laten klappen dat de wolf gruwelijk pijnlijk gewurgd wordt?
   Snot! Tis snot!
   Tot zover de inspiratie uit Hans ter Laan. Dorian Rottenberg heeft: The gray wolf has a taste for rabbit, But now he’ll have to leave that habit. Where a rabbit passes through There’s a trap, Gray Wolf, for you!
   Wensdenken. En sympathie met de verkeerde ook nog. Die klerehaasjes – of kutknijnen – tarten de wolf en dagen hem uit. Zij zijn begonnen, meester!
   Ik las trouwens eerst the gay wolf. Leuk, een lieve, butch of campy homowolf. Is daar wat mee te doen? Hm. Zo ziet ie er niet uit. Maar schijn kan bedriegen.
   (Ik kom er trouwens net achter dat er nog een eerdere Engelse vertaling is, uit 1938, heel snel dus al, van de hand van Helen Black. De schrijver heet er Nicholas Radlov en het boek heet The Cautious Carp and Other Fables. Het boek werd dat jaar tot een van de beste prentenboeken in de VS uitgeroepen.)
   De Duitse vertaling van Johann Warkentin heet Wie die Hasen einen Wolf fingen, en gaat zo: Der Wolf fletscht seine Zähne furchtbar, doch soll uns das nicht schrecken. Denn wo der kleine Hase paßt hindurch, dort bleibt der Graue stecken.
   Wat een klungeligheid (furchtbar, regel 1), syntactische onbeholpenheid (regel 3) en ritmedwang (der Graue, regel 4 voor der Wolf)... Dan hebben we nog de Franse vertaling. Antoinette Mazzi! sta me bij in het uur mijner nood! Donnez-moi scampittle!
   Il claque des dents le loup gris, Mais nous n’avons pas peur de lui. Car où le lièvre peut passer, Le méchant loup reste coincé.
   Dat is in elk geval waar, dat haasjes door kieren en gaten kunnen waar een wolf blijft steken, of ie nu méchant is of heel aardig.
   Ik weet het niet.
   We moeten terug naar de lagere school, sorry basissschool, sorry het voorbereidend voorbereidend hoger wetenschappelijk onderwijs.
   Maak een woordenwolk. Wolf. Haasjes. Vangen. Jagen. Prooi. (Alles op -ooi en -aai is leuk rijmen.)
   De een z’n brood is de ander z’n dood. De een moet sterven opdat de ander een dag lang z’n buikje vol heeft.
   Eten of gegeten worden. Darwin. Sex. Voortplanting. Dood.
   Pijn.
   Echt gezellige kinderonderwerpen.
   Prooi en wolf zijn fijne rijmwoorden, -ooi is vaak verrassend, en -olf kan werken omdat er zo weinig van zijn. En dat is voor de plezierrijmelaar altijd naar zijn hand een kolf. Hoe de wolf het onderspit dolf.
   In het vrije westen moet de grote boze wolf het meestal opnemen tegen de drie biggetjes. In Nederland heten zijn aartsvijanden Knir, Knar en Knor.

Wie is er bang voor de grote boef?
Niet de haasjes Nif, Naf, Noef.

   Nif-Nif, Noef-Noef en Naf-Naf waren de namen die Sergej Michalkov aan de drie Disney-biggetjes gaf toen de film in 1933 in de Sovjet-Unie premièrde. Het was de enige Disney-film die er vertoond werd, naar verluidt omdat Stalin erom moest lachen.
   Maar wij kunnen met een supraliteraire intertekstuele verwijzing de haasjes gewoon met de Russische biggennamen noemen – half afgehakt dan. Geen vark dat ernaar kraait.
   En dan in de vierde regel iets met bij de staart te grijpen, in zijn staart te bijten, bij de staart te vatten – iets wat zweemt naar een uitdrukking maar hier letterlijk is. Iets met staart dus.
   Wat combineert zich daarmee dan in regel drie? De haasjes hebben de boog, de val al gespannen, de twijg al gebogen, om hem etc.
   Liefst ook liggend rijm, dat is het aardigste. Maar als het niet anders kan, en het staand rijm is ook verrassend en leuk, dan kan dat ook.
   Dan doeneme het zo. Hoe de haasjes de wolf bij de staart namen.

Wie is er bang voor de grote boef?
Niet de haasjes Nif, Naf, Noef.
De dunne twijg staat al op knappen
Om hem in zijn staart te happen.

   Ik kreeg drie inzendingen, alle drie én puik én kort (soms zelfs korter dan kort) én geheel in de geestige geest van Charms gecharmsificeerd. Goed om te zien dat het ook korter kan dan ik het misschien wat lang van draad deed. De eerste heet Hazenspel, hoewel het in de onderwerpregel van de mail nog getiteld was: Het hazenleven, een gebruiksaanwijzing.

Wolf porren
Touw sjorren
Touwtje trek
Watdehek?!

   De tweede heet Hoe een wolf de krul uit de staart te strijken, en daar houdt het mee op, het is alleen de titel, maar wel een heel mooie titel. De vertaalster heeft het goed gezien, elke bijbehorende tekst zou er afbreuk aan doen.
   Nummer drie pakt de Perec-verwijzing die in de eerste versie gesneuveld is weer op. Het heet: Met wolven spelen: handleiding.

1. Lok de wolf: trek gekke bekken.
2. Laat je staart en billen zien.
3. Boog opspannen: hangen/trekken.
4. Wie niet weg is, is gezien.

Het is moeilijk kiezen uit zo’n weelde. Ik denk dat de laatste me nog het meeste aanstaat, door de buitenissigheid ervan, en ondanks het niet heel erg mooie rijm zien/gezien. Fraai is het!
   Volgende. Как Володя на салазках быстро под гору летел. Kák Valódja na salázkach bystre pod góroe lietéél. Hoe Volodja op de kinderslee snel de berg afvloog.

Быстро под гору летел.
На собаку налетел.
На лисицу налетел.
И на зайца налетел.
Полетели впятером,
Залетели в мишкин дом.
И Володя с той поры
Не катается с горы.

   Dat wil zeggen. Hij vloog snel de berg af. Vloog tegen een hond op. Vloog tegen een vos op. En vloog tegen een haas op. Ze vlogen aan tegen nummer vijf. Landden in het berenhuis. En Volodja vanaf die tijd glijdt niet langer van de berg.

   Gescandeerd. Bystre pod góroe lietéél. Ná sabákoe nálietéél. Na liesíétsoe nálietéél. Í na zájtsa nálietéél. Pólietéli vpjáteróm, Zálietéli v mysjkin dóm. Í Valódja s tój pory Ní katáëtsiá s gory. Rijmschema aaaabbcc.

_____
   Verwijzingen. Voor Nicholas Radlov en The Cautious Carp and Other Stories (Coward McCann, New York 1938, vertaling Helen Black): voor 200 dollar (of vier renteloze termijnen van 50 dollar) mag je het boek van jou noemen, zie hier. De bibliotheek van de Creighton University in Omaha, Nebraska, hier, is zo vriendelijk de twee titelpagina’s, de colofonpagina en het titelverhaal digitaal beschikbaar te stellen, hier. Hieronder twee titelpagina’s.

Reacties

met onder meer de afgelopen maand

160 Vintage Vondel...

212 Citabiliteit

213 Het verhaal van de laatste zeven verhalen

211 Mom Foetsjies Krijsernij

214 Op het erf – Charms’ laatste gedicht

210 Tijger op straat

215 Motto

207 Conclusie en het verhaal van de wonderbaarlijke poes