575 Gulliver met driehonderd: raaskallen
Als Gulliver gered is en zijn relaas aan de kapitein doet, denkt die – niet vreemd – dat Gulliver geheel en al de kluts kwijt is. Dat staat er heel simpel maar afdoend maar mooi en strak gezegd als: The Captain hearing me utter these Absurdities, concluded I was raving. Daar moet toch in het Nederlands ook iets aardigs voor te bedenken zijn: we hebben zoveel worden en uitdrukkingen voor tsjoeketsjoeke, van lotje, niet goed wijs, van de pot gerukt, van de ratten bezeken, ze niet alle vijf op een rijtje hebben etc. ad inf. Hoe zou de Nederlandse Gulliver het zeggen?
1727: De Kapiteyn my dus ongerymd hoorende spreeken, meende dat ik raaskalde.
Raaskallen is le mot juste in dit geval: ga ik (denk ik) overnemen. 1792: De Kapitein geloofde nu ook voor zeker, dat ik myne zinne kwyt was toen hy my dus dwaaslyk hoorde spreken.
Klinkt ook leuk, myn zinne kwyt was, maar dwaaslyk spreekt me minder aan. 1862: Toen de kapitein mij zulken onzin hoorde praten, meende hij dat ik aan ’t ijlen was.
Onzin is wel heel ongeïnspireerd gezegd, maar ijlen is goed. 1940: De kapitein, die mij al deze dwaasheden hoorde uiten, besloot terecht, dat ik wartaal sprak.
Wartaal is leuk, maar terecht is geheel overbodig. 1974: Toen de kapitein mij al die zotteklap hoorde uitslaan, dacht hij dat ik ijlde –
Ook al leuk, zotteklap uitslaan (of debiteren). Het wordt moeilijk kiezen zo. 1979: Toen de kapitein me al die onzin uit hoorde kramen leidde hij eruit af dat ik ijlde –
Uitkramen is oké, onzin dan weer niet, en leidde hij eruit af is looiig. 2004: Bij het horen van deze absurditeiten dacht de kapitein dat ik hallucineerde.
Ik snap de vertalers van nu niet. Dan heb je alle vrijheid om met iets leuks te komen, ga je een letterlijke calque uit het Engels toepassen (Absurdities, absurditeiten) en kies je ook nog een tweede onnederlands woord (hallucineerde), dat bijna belachelijk klinkt in zijn onbedoelde medische precisie.
Maar wat dan? Ik houd het voorlopig op dit:
2026: De kapitein, toen hij mij deze wartaal hoorde uitslaan, concludeerde dat ik raaskalde.
Dan kan ijlen misschien elders kwijt. Gulliver blijft worden verdacht van ijlen en raaskallen. Even verderop zit hij met de kapitein aan tafel en kan zijn lachen nauwelijks houden bij het zien van alle miniatuurvoorwerpen en voedeslwaren, gewend als hij nog steeds is aan Brobdingnagiaanse afmetingen. De kapitein merkt dit fronsend op en imputed it to some disorder in my brain. Waar ook best wat leuks voor bedacht kan worden in het Nederlands, en ook is geworden door sommige vertalers: 1727: maar het zelve toe geschreven had aan eene ontsteltenis in myne herssenen.
Is mooi, eene ontsteltenis in myne herssenen, maar valt niet goed over te nemen in 2026. 1792: hy had dit alles aan een verward hersengestel toegeschreeven.
Ook mooi, een verward hersengestel, en valt al minder op als ik het overneem. 1862: maar had het toegeschreven een soort van verstandsverbijstering.
Ook al mooi, verstandsverbijstering, maar misschien niet met een soort van maar een vlaag van? 1940: en schreef het toe aan een of andere storing in mijn hersenen.
Hm. Dat een of andere klinkt wat anglicistisch en storing? Waarom dan geen stoornis? Of verstoring? Zelfs kortsluiting, hoe anachronistisch ook, zou nog beter zijn. 1974: maar had het toegeschreven aan een soort verstandsverbijstering.
Vrijwel rechtstreeks overgenomen van 1862. 1979: maar had het toegeschreven aan een geestesstoornis.
Een stoornis, zie ik nu, is permanenter dan een storing, dus is eigenlijk ook niet het juiste woord hier. 2004: maar had het aan een storing in mijn brein toegeschreven.
Dat slaat helaas nergens op, storing in mijn brein, en lijkt wel weer op de volautomatische robotpiloot vertaald. Weer dat idiote storing. Ook word ik altijd een ietsiepietsie kregel van het woord brein als blinde vertaling van brain als hersenen bedoeld worden. Hier is duidelijk niet over nagedacht.
Maar wat dan? Ontregelde hersenen, een stoornis in de hersenen, een stoornis in het hoofd, een geestelijk euvel, een psychische aandoening, een ontregeling der hersenen of in of van mijn hersenen? Of toch de vlaag van verstandsverbijstering? Hoewel het natuurlijk welbeschouwd geen vlaag is. Hm. Een ontregeling van het verstand? Of van de bovenkamer? Hersenpan? Meende dat er een schroefje loszat? Maar metaforisch/figuurlijk wordt er heel weinig geschreven in het boek. Ontregelde hersenen dan? Of gewoon terug naar 1727, een ontsteltenis van de hersenen? Ik ben er nog niet uit.
_____
1727: anoniem [Dr. Cornelis van Blankesteijn]; 1792: anoniem; 1862: J.W.N. Mosselmans; 1940: G. Blom; 1974: Mr. S[em] Davids; 1979: Arjaan van Nimwegen; 2004: Paul Syrier. Zie ook blog 565 en 566 voor een inleiding op deze serie vertaalproblemen. Dit is voorlopig de laatste aflevering in deze Gulliver-reeks. Als ik verder ben met vertalen, pik ik de draad weer op en volgen boek drie en vier. Illustratie: Lemuel Gulliver in zijn bibliotheek, voor de wand met schilderijen van zijn lotgevallen. Een doorlopend bijgewerkt register op alle VandaagsVertaalProblemen staat in blog 345.
Raaskallen is le mot juste in dit geval: ga ik (denk ik) overnemen. 1792: De Kapitein geloofde nu ook voor zeker, dat ik myne zinne kwyt was toen hy my dus dwaaslyk hoorde spreken.
Klinkt ook leuk, myn zinne kwyt was, maar dwaaslyk spreekt me minder aan. 1862: Toen de kapitein mij zulken onzin hoorde praten, meende hij dat ik aan ’t ijlen was.
Onzin is wel heel ongeïnspireerd gezegd, maar ijlen is goed. 1940: De kapitein, die mij al deze dwaasheden hoorde uiten, besloot terecht, dat ik wartaal sprak.
Wartaal is leuk, maar terecht is geheel overbodig. 1974: Toen de kapitein mij al die zotteklap hoorde uitslaan, dacht hij dat ik ijlde –
Ook al leuk, zotteklap uitslaan (of debiteren). Het wordt moeilijk kiezen zo. 1979: Toen de kapitein me al die onzin uit hoorde kramen leidde hij eruit af dat ik ijlde –
Uitkramen is oké, onzin dan weer niet, en leidde hij eruit af is looiig. 2004: Bij het horen van deze absurditeiten dacht de kapitein dat ik hallucineerde.
Ik snap de vertalers van nu niet. Dan heb je alle vrijheid om met iets leuks te komen, ga je een letterlijke calque uit het Engels toepassen (Absurdities, absurditeiten) en kies je ook nog een tweede onnederlands woord (hallucineerde), dat bijna belachelijk klinkt in zijn onbedoelde medische precisie.
Maar wat dan? Ik houd het voorlopig op dit:
2026: De kapitein, toen hij mij deze wartaal hoorde uitslaan, concludeerde dat ik raaskalde.
Dan kan ijlen misschien elders kwijt. Gulliver blijft worden verdacht van ijlen en raaskallen. Even verderop zit hij met de kapitein aan tafel en kan zijn lachen nauwelijks houden bij het zien van alle miniatuurvoorwerpen en voedeslwaren, gewend als hij nog steeds is aan Brobdingnagiaanse afmetingen. De kapitein merkt dit fronsend op en imputed it to some disorder in my brain. Waar ook best wat leuks voor bedacht kan worden in het Nederlands, en ook is geworden door sommige vertalers: 1727: maar het zelve toe geschreven had aan eene ontsteltenis in myne herssenen.
Is mooi, eene ontsteltenis in myne herssenen, maar valt niet goed over te nemen in 2026. 1792: hy had dit alles aan een verward hersengestel toegeschreeven.
Ook mooi, een verward hersengestel, en valt al minder op als ik het overneem. 1862: maar had het toegeschreven een soort van verstandsverbijstering.
Ook al mooi, verstandsverbijstering, maar misschien niet met een soort van maar een vlaag van? 1940: en schreef het toe aan een of andere storing in mijn hersenen.
Hm. Dat een of andere klinkt wat anglicistisch en storing? Waarom dan geen stoornis? Of verstoring? Zelfs kortsluiting, hoe anachronistisch ook, zou nog beter zijn. 1974: maar had het toegeschreven aan een soort verstandsverbijstering.
Vrijwel rechtstreeks overgenomen van 1862. 1979: maar had het toegeschreven aan een geestesstoornis.
Een stoornis, zie ik nu, is permanenter dan een storing, dus is eigenlijk ook niet het juiste woord hier. 2004: maar had het aan een storing in mijn brein toegeschreven.
Dat slaat helaas nergens op, storing in mijn brein, en lijkt wel weer op de volautomatische robotpiloot vertaald. Weer dat idiote storing. Ook word ik altijd een ietsiepietsie kregel van het woord brein als blinde vertaling van brain als hersenen bedoeld worden. Hier is duidelijk niet over nagedacht.
Maar wat dan? Ontregelde hersenen, een stoornis in de hersenen, een stoornis in het hoofd, een geestelijk euvel, een psychische aandoening, een ontregeling der hersenen of in of van mijn hersenen? Of toch de vlaag van verstandsverbijstering? Hoewel het natuurlijk welbeschouwd geen vlaag is. Hm. Een ontregeling van het verstand? Of van de bovenkamer? Hersenpan? Meende dat er een schroefje loszat? Maar metaforisch/figuurlijk wordt er heel weinig geschreven in het boek. Ontregelde hersenen dan? Of gewoon terug naar 1727, een ontsteltenis van de hersenen? Ik ben er nog niet uit.
1727: anoniem [Dr. Cornelis van Blankesteijn]; 1792: anoniem; 1862: J.W.N. Mosselmans; 1940: G. Blom; 1974: Mr. S[em] Davids; 1979: Arjaan van Nimwegen; 2004: Paul Syrier. Zie ook blog 565 en 566 voor een inleiding op deze serie vertaalproblemen. Dit is voorlopig de laatste aflevering in deze Gulliver-reeks. Als ik verder ben met vertalen, pik ik de draad weer op en volgen boek drie en vier. Illustratie: Lemuel Gulliver in zijn bibliotheek, voor de wand met schilderijen van zijn lotgevallen. Een doorlopend bijgewerkt register op alle VandaagsVertaalProblemen staat in blog 345.















Reacties
Een reactie posten